| Regie: | Jaume Balagueró |
|---|---|
| Cast: | Anna Paquin, Lena Olin, Iain Glen, Giancarlo Giannini, Fele Martínez, Stephan Enquist, Fermí Reixach |
| Genre(s): | Horror, Thriller, Mysterie |
De Keltische mythologie biedt met zijn kenmerkende mystiek en spiritualiteit een goede bodem voor een beklemmende horrorfilm. Laat in een verhaal de regels en veiligheden van de hedendaagse maatschappij wijken voor die van een wereld waarin de mens geen zekerheden heeft, behalve dan dat hij nergens vat op heeft en je hebt de basis voor een beklemmende mythe. Kan de nieuwe horrorfilm van de hand van John Fawcett, maker van de smakelijke horror-culthit Ginger Snaps , verder bouwen op deze basis?
In dit verhaal reist Adelle (Maria Bello) in een poging haar gebroken gezin te herenigen, samen met haar dochter Sarah (Sophie Stuckey) af naar de Ierse kust. Hier slijt de echtgenoot en vader James, (Sean Bean) sinds de breuk zijn dagen als schaapherder, met de hulp van zijn manusje-van-alles, de oude Daffyd (Maurice Roëves). Het is de bedoeling dat dit ontwrichtte gezinnetje in de frisse zeelucht, met alleen het gemekker van wollige schapen op de achtergrond, weer nader tot elkaar komt. Het lijkt er echter op dat ze niet alleen zijn. Een duistere aanwezigheid ontwaakt vanaf het moment dat de dames het terrein oprijden en de kleine Sophie lijkt het doelwit te worden van een oude Keltische vloek. Ze verdwijnt in de golven in een moment van ouderlijke onoplettendheid en geen zoekactie kan de woeste zee dwingen haar nieuwe vangst prijs te geven. Dan verschijnt het spookachtige meisje Ebrill en terwijl de vader zich over dit schijnbaar hulpeloze wezentje ontfermt, begint de wanhopige moeder langzaam maar zeker te beseffen waar haar dochter gebleven is…
Al kijkende wordt duidelijk dat het verhaal maar heel losjes gebaseerd is op het boek waar deze film mee geassocieerd wordt; Sheep van Simon Maginn. Niet alleen lift deze film dus onterecht mee op de roem van een goed boek, maar ook wordt niet geschroomd alle trendy horrorelementen over te nemen. De Japanse horrorhit Ringu is onmiskenbaar de inspiratie voor vele films in het genre, maar zo’n letterlijke toepassing van de formule heb ik nog niet eerder gezien. Zowat alles wat uit het boek gehaald kon worden wat aan de Japanse horrorfilm of zijn Amerikaanse remake, The Ring , deed denken is eruit gehaald. Wat er niet inzat, plaatsten ze er wel in. De paarden zijn schapen geworden, maar ze liggen wel weer in groten getale dood aan de zee in de flashback. Natuurlijk duikt er op een gegeven moment een eng meisje op uit de dood. Maria Bello lijkt zelfs als twee druppels water op Naomi Watts, de moeder uit Hollywoodversie. Er zijn meer overeenkomsten maar die zal ik niet uit de doeken doen voor mensen die nieuw zijn in het horrorgenre. Dan is het wel genieten en dat is wel het sterke punt van deze film. Ook als je de gave hebt om te kijken met onbevangen blik of het niet kan laten omdat je toch enorm vergeetachtig bent en weer eens je wekelijkse horror-fix moet hebben is dit toch wel een aanrader. Het geheel steekt namelijk professioneel in elkaar en weet zo een sfeer te creëren die je de nekharen overeind doen staan met niets dan schapen, schaduweffecten en een volume wat alleen in de bioscoop je uit je stoel doet blazen. Een typische popcorn-horror voor de laagste gemene deler. Verwacht er niet meer van en je zit wel goed.




















