Leids Film Festival dag 6: Onverwachte kracht van eigen bodem

Troosteloze dag herbergt prachtige film van Nederlandse bodem.

Bekijk video Leids Film Festival dag 6: Onverwachte kracht van eigen bodem
2 november, 2009 | door: Jordi Wijnalda

Het regent. En niet zo’n beetje ook. Voor mij is dit het perfecte weer om in de bioscoopzaal te duiken; niets heerlijker dan te ontsnappen aan de grauwe, smoezelige, mistroostige werkelijkheid. Aangezien mijn programma voor de dag mij onder meer zal meenemen naar Corsica en Ierland, heb ik er alle vertrouwen in dat ik de grijze waas die over pittoresk Leiden hangt snel zal vergeten.

Andere bezoekers van het Leids Filmfestival denken er anders over dan ik. Van enthousiaste en, ondanks de weersomstandigheden, immer goedgemutste medewerkers hoor ik dat het bezoekersaantal vandaag tegenvalt. En dat terwijl er voor het luttele bedrag van vijf euro prachtige LFF-paraplu’s in de verkoop zijn! Met stralend gelaat probeert een festivalmedewerksters mij een dergelijke paraplu aan te smeren, maar vriendelijk doch resoluut wimpel ik dat af. Het is ook tijd voor mijn eerste film van vandaag.

In het fijne tweede zaaltje van Trianon, mijn uitvalsbasis voor de dag, zijg ik neer voor Urszula Antoniaks Gouden Kalfwinnaar Nothing Personal, een film waarover mede-Xi’er Marloes lyrisch was in de wandelgangen. Groots succes bij zowel ons vaderlandse filmfestival als dat van Locarno, stemmen eveneens hoopvol. Mijn gezonde scepsis omtrent de Nederlandse cinema ben ik echter nog niet bereid te laten varen, dus ik wacht gespannen tot het licht dimt en de film zich voor mij ontvouwt. Ondertussen raak ik in gesprek met twee joviale vrouwtjes die mij hadden herkend van afgelopen vrijdag. “Ben jij niet die filmregisseur?”, vraagt er eentje. Best griezelig om nu al herkend te worden…

Dan begint de film – en wát voor een film! Antoniak spreidt een meesterlijke beheersing van haar materiaal tentoon in haar vertelling over een jonge, gebroken vrouw die op de bonnefooi naar Ierland trekt en daar terecht komt bij een eenzame weduwnaar. In ruil voor eten werkt zij in zijn tuin en groiet, hoewel ze iedere vorm van toenadering mijdt, het onwaarschijnlijke koppel meer en meer naar elkaar toe in hun gedeelde eenzaamheid. Nothing Personal is onvergetelijk, door de prachtig subtiele plotontwikkeling, de schitterende cameravoering, de atmosferische muziek en het ijzersterke spel van veteraan Stephen Rea en Lotte Verbeek. Na afloop liep ik naar buiten om frisse lucht te ademen, maar ik was zo overrompeld door deze film dat ik naar een festivalmedewerker ben gesneld om mijn enthousiasme over de film te uiten.

Vervolgens gleed ik opnieuw Trianon 2 binnen voor het Franse filmpje Joueuse, over een niet bijster welvarende vrouw op Corsica, die via haar werk in een klein hotel de kunst van het schaakspel ontdekt. Meer en meer stort ze zich op het intellectuele spel, met hulp van de onpeilbare Dr. Kröger (gespeeld in het Frans met een storend accent door de Britse komiek Kevin Kline). Langzaam maar zeker ontwikkelt ze een waar talent voor de denksport – iets wat haar op roddel en achterklap van de eilandsamenleving komt te staan. Joueuse is een warm idee uitgesmeerd over een te lange film, met te veel conventies en onnodige plotingrepen. De charmes van hoofdrolspeelster Sandrine Bonnaire en Corsica maken veel goed, maar niet voldoende om Joueuse boven de middelmaat uit te laten stijgen.

Van mijn eerdere opmerking tegen de LFF-medewerkster dat je “van een beetje water niet smelt” krijg ik al snel spijt, wanneer ik na de schaakfilm opgewekt naar de Leidse Beestenmarkt wandel. Volledig doorweekt kom ik aan bij koffietent Catwalk, waar ik mijn gedachten spui over de festivalfilms, Leidse accenten en studenten. Met de vriend en nog een andere vriend schuiven we, na een fijn broodje falafel, aan bij The Informant! , de nieuwste van duizendpoot Steven Soderbergh.

In de film speelt Matt Damon, die zich extra gewicht én een pornosnor heeft laten aanmeten, de sukkelige maïsbedrijfmanager Mark Whitacre, een pathologische leugenaar die om onbegrijpelijke redenen zowel zijn bedrijf als de FBI om de tuin heeft geleid en miljoenen heeft weten af te persen. Soderbergh ziet de komediepotentie van dit waargebeurde verhaal in en maakt er een droge zwarte komedie van, met overbelichte beelden, maffe verhaalkronkels en een hysterisch opgewekte retrosoundtrack. Feitelijk is Mark Whitacre als personage niet interessant genoeg voor een hele film, is de plot onnavolgbaar en gaan de stilistische trucjes na een tijdje irriteren. Toch is The Informant!, met dat prachtige uitroepteken in de titel, vermakelijk genoeg om vol te houden, al kan Soderbergh beduidend beter, zeker met Matt Damon in een dergelijke topvorm.

We sluiten de dag af met de officiële slotfilm van het festival, de Darwinbiopic Creation van Jon Amiel. Voorafgaand aan de film komt een hooglerares in evolutiebiologie aan de Universiteit van Leiden een “korte” inleiding geven op Charles Darwin. Het blijkt een gesproken Wikipedia-artikel met onbedoeld hilarische momenten, vooral wanneer de nietsvermoedende spreekster Darwins sleutelwerk The Origins of Species uitspreekt als ‘The oorsmeer of spiesjes’. Ze zou zonder op te vallen bij Media en Cultuur kunnen aanschuiven…

De film zelf is een vermoeiende romantisering van hoe Darwin tot zijn briljante theorieën kwam. De film draait haast volledig om persoonlijke drama’s als de dood van Darwins dochtertje, waardoor de evolutieleer er bekaaid vanaf komt. Zelfs de urgente discussie tussen kerk en wetenschap wordt niet optimaal uitgelicht, waardoor de film niet veel meer is dan een “ziekte-van-de-week”-televisiefilm. Het spel van Paul Bettany en Jennifer Connelly als Darwin en zijn vrouw is adequaat, maar kan de film niet redden. Om onbegrijpelijke redenen is Creation een bijzonder stichtelijk en welhaast christelijk portret geworden van één van de meest revolutionaire momenten in de geschiedenis van de wetenschap. En helaas is Darwin als personage niet interessant genoeg voor een hele film; hij was immers niet de intellectuele, antireligieuze madcap die de makers het liefst zouden willen zien.

Nu het Leids Filmfestival ten einde is gekomen, kan ik concluderend zeggen erg genoten te hebben van de kleinschaligheid, de warmte en het aangename aanbod van het festival. De films waren uiteindelijk niet altijd even goed, maar de sfeer was dat gelukkig wél – hoewel de NRC-verkopers voortaan wel weggelaten mogen worden. Ik eindig vanzelfsprekend met mijn persoonlijke topdrie, maar niet voordat ik eenieder heb aangespoord om vooral volgend jaar een kijkje te nemen op een filmfestival dat mij in ieder geval dit jaar meer voldoening gegeven heeft dan het IFFR.

Mijn persoonlijke topdrie van het LFF 2009:

1. Nothing Personal van Urszula Antoniak

2. Bright Star van Jane Campion

3. The 39 Steps van Alfred Hitchcock

Mijn persoonlijke topdrie van het LFF 2009:

1. Nothing Personal van Urszula Antoniak

2. Bright Star van Jane Campion

3. The 39 Steps van Alfred Hitchcock

Meer van dit soort artikelen? Abonneer je op de Xi-online.nl nieuwsbrief of RSS Feed.

Reageer

Elke donderdag onze nieuwsbrief met artikelen, aankondigingen en prijsvragen in je mailbox!

inschrijven