IFFR 2010 Dag 9: Niet alle levens zijn verfilmbaar

“This is a film about life” is niet per se een aanbeveling.

Bekijk video IFFR 2010 Dag 9: Niet alle levens zijn verfilmbaar
6 februari, 2010 | door: Jordi Wijnalda

Mijn gebeden waren plots verhoord. Nadat ik voor mijn zoveelste festivaldag uit de trein was gestapt en over de begraafplaats van het stationsplein richting epicentrum De Doelen liep, stuitte ik op een rij voor de deur. Want, jawel, de draaideur was kapot. Nu moet u weten dat deze draaideur zonder overdrijving de meest inefficiënte en onhandige deur van heel Rotterdam is – of, zoals een draaideurbuurman toevoegde, “van de hele wereld”. Eindelijk mochten wij, de hondstrouwe festivalbezoekers, door een normale deur naar binnen, eentje zonder het tempo van een jarenvijftigcentrifuge. Mijn dag kon nu al niet meer stuk.

Ik haalde mijn kaartjes op bij de immer goedlachse medewerkers en toog naar het inmiddels vertrouwde Pathé Schouwburgplein voor mijn eerste film. In het kader van het grote themadeel omtrent Japanse cinema was dit de film Gohatto van Oshima Nagisa uit 1999. De film, met inmiddels bekende acteurs als Takeshi Gitano en Sai Yoichi in de hoofdrollen, bestudeert de complexe gevolgen van een aantrekkelijke nieuwe samoeraistrijder in de Japanse Shinshenmilitie van eind negentiende eeuw. Deze clan stond al bekend om zijn infame tolerantie van homoseksualiteit. Gohatto is een vermakelijke, maar vaak pijnlijk amateuristische en laffe film, waarin de problematiek van het verhaal voortdurend angstvallig gedramatiseerd of zelfs geparodieerd wordt, zonder het onderwerp van homoseksualiteit op een integere wijze onder handen te nemen.

Ietwat teleurgesteld droop ik af. Blijf ik nou, net als verleden jaar, voortdurend de verkeerde Aziatische films uitkiezen, of ligt die cinema mij simpelweg niet? Ik moet het nog ontdekken. Veel tijd voor zelfreflectie had ik niet, want Suzana Alamars Hotel Atlântico stond op het programma. Een uitverkochte IMAX-zaal zat klaar voor Alamars derde film in drieëntwintig jaar, en ook de regisseuse zelf was aanwezig. Zij achtte het nodig om haar Atlantische hotel in te leiden met de opmerking: “If you expect horror and violence, this is not your film. This is a film about life”. Goed, hoge ambities, veel om waar te maken. Helaas heeft het kluizenaarsschap van Alamar haar talent niet zodanig vergroot zoals dat bij een Terence Malick het geval is. Hotel Atlântico was gewoon een duffe, nietszeggende, onsamenhangende film. Geen idee waarom iedereen daar nu zo lang op heeft moeten wachten.

Hoewel het altijd een beetje beschamend is weg te lopen als er een Q&A na afloop aanvangt, wil ik toch zo snel mogelijk terug naar de frisse (doch Rotterdamse) lucht. Ik haal een exemplaar van de beste Turkse pizza’s van ons land bij El Aviv, tegenover De Doelen, en dompel deze rijkelijk onder in sambal. De griep die mij de helft van deze week aan mijn bed heeft weten te kluisteren, is nog niet volledig uit mijn neusholtes verdwenen – maar de Turkse pizza brengt daar mooi verandering in.

Genietend van de grote hoeveelheden zuurstof die ik plots inadem, begeef ik mij naar White Material van festivalfavoriet Claire Denis. De altijd adembenemend goede Isabelle Huppert speelt de Franse Maria, die zich vast blijft klampen aan haar koffieplantage in een door oorlog verscheurd Afrikaans land. Boeiend, sterk geacteerd, aangrijpend, maar toch weer niet volledig verzadigend. Na de mokerslag van Samuel Maoz’ meesterwerk Lebanon gisteravond zijn mijn standaarden voor conflictfilms een stuk hoger komen te liggen.

Door de Turkse pizza en de onvrede over drie niet volledig geslaagde films kan ik de geur van warm avondeten in het Doelenrestaurant niet goed verdragen. Op een merkwaardig gezond dieet van vruchtenshakes en vers fruit bereid ik mij voor op de laatste film van vandaag: Jacques Audiards Un Prophète , een eveneens Franstalige film en winnaar van de Grand Prix op het afgelopen filmfestival van Cannes. Mijn langste film op het festival; tegen al mijn principes in heb ik toch besloten een film te kiezen die langer dan twee uur duurt. Ik onderneem nog verwoede pogingen om met bekenden van mij af te spreken, maar overvolle festivalprogramma’s maken dat een onmogelijke opgave. Ik ben wat in mineur door het feit dat ik mijn filmfrustraties van vandaag met niemand kan delen, dus nukkig werk ik mijn banaan-aardbei-vanilleshake weg.

Un Prophète , een 149 minuten durende gevangenisfilm, weet mij echter, ondanks het niet altijd even originele beeld van de wereld achter de tralies, de volledige lengte te bekoren. Met dank aan het ongeëvenaarde acteerwerk van de jonge debutant Tahar Rahim maakt de film op bepaalde fronten indruk. Gewoon een sterke film, en daar had ik na vandaag wel behoefte aan – een “film about life”, maar dan over een leven dat wél filmisch interessant is. Na afloop groet ik mijn buurman, die mij nog goede tips had gegeven voor films die ik waarschijnlijk toch nooit meer zal kunnen zien, en haast ik mij naar de trein.

De draaideur doet het inmiddels weer. Helaas. Terwijl ik naar de deur staar, achten twee hangjongeren het nodig om iets snoeihard tegen de zijkant van mijn hoofd te gooien. Ik reageer wat sloom en zij hebben, blijkbaar, de tijd van hun leven. Ik loop geërgerd verder naar het station, maar besef me dan met een lach dat dit ook wel een mooi verhaal is: De Jongen En Zijn Strijd Tegen Het Grote Boze Rotterdam. Coming soon to theatres near you!

Meer van dit soort artikelen? Abonneer je op de Xi-online.nl nieuwsbrief of RSS Feed.

Reageer

Elke donderdag onze nieuwsbrief met artikelen, aankondigingen en prijsvragen in je mailbox!

inschrijven