IFFR 2010 Dag 2: Per(s)versiteit

De tweede dag wordt gekenmerkt door veel naakt.

Bekijk video IFFR 2010 Dag 2: Per(s)versiteit

2 Reacties

30 januari, 2010 | door: Bart Delwig

Voordat ik aan iets zwaars moet beginnen, maak ik het liefst mijn hoofd even leeg met simpel vermaak. Voor een tentamen luister ik wat kalme muziek. Voor een bezoek aan de tandarts kijk ik het liefst een simpel filmpje. En voor een hele dag vol zwaarmoedige films op het International Film Festival Rotterdam kijk ik graag nog even een aflevering uit een sitcom. Mijn keuze viel op Coupling. Naïef moest ik lachen om hoofdpersoon Jeffrey, die alleen maar aan “breasts, breasts, breasts!” kan denken. Hoe moest ik weten dat die woorden mijn hele eerste dag op het filmfestival zouden domineren?

Het is algemeen bekend dat een redelijk aantal arthousefilms ook naaktscènes kent. Functioneel naakt, want het is in beeld gebracht door een regisseur met een visie. Veel verder dan dat komt de argumentatie ook niet. Het deed me dan ook weinig dat Isabelle Carré een keer naakt te zien is in Le Refuge, mijn eerste film van de dag. De nieuwste van François Ozon is tevens het laatste deel in zijn trilogie over de dood, hoewel de film eerder over leven gaat. Het langzaam ontvouwende verhaal over een rouwende junkie in verwachting zal niet iedereen aanspreken, maar mij raakte het zeker. Ondanks dat ik nooit iets dergelijks heb meegemaakt, voelde iets op een rare manier heel herkenbaar aan.

De tweede film van de dag werd Vlees, een thriller van eigen bodem. Regisseurs Maartje Seyferth en Victor Nieuwenhuijs stonden vorig jaar op het IFFR met Crepuscule, een schitterende ode aan Jean-Luc Godard. Vlees lijkt zijn inspiratie vooral bij Louis Buñuel te hebben gehaald. Het surrealistische verhaal over een sadistische slager en zijn assistente begint zeer interessant, maar verdwaalt halverwege in zijn eigen betekenis. De film is zijn titel: alleen maar vlees, met weinig ziel. De film heeft te weinig om het lijf om echt interessant te worden, en is uiteindelijk niets meer dan mismaakt surrealisme. Ook hoofdpersoon Nellie Bermer weet niet te overtuigen. In Crepuscule, waar ze ook de hoofdrol had, hoefde ze weinig te zeggen en moest ze vooral naakt rondlopen. Dat laatste doet ze in Vlees ook weer goed, maar met de dialoog weet ze zich geen raad. Ze heeft het lichaam wat de rol van een femme fatale verlangt, maar met het gezicht en de stem van een dom blondje is het realisme ver te zoeken.

Terwijl ik de zaal uitloop richting de volgende voorstelling, krijg ik een persmap in mijn handen gedrukt. Op de voorkant zie ik Nellie Bermer volledig naakt liggen. De Jeffrey in mij begint wakker te worden, maar snel doe ik de map weer in mijn tas. Het is tijd voor La Vie Au Ranche. Deze documentaire-achtige film over een groep jongeren is waarschijnlijk de meest oninteressante film op het festival dit jaar. We zien de Franse adolescenten stappen, overgeven, praten en nog meer stappen. Diepgang in hun leven wordt niet verschaft. Wel is het functioneel naakt weer volop aanwezig, maar dit keer gelukkig wat subtieler dan in de vorige films. Na veertig minuten heb ik het wel gehad met de film, en besluit ik wat te eten te halen.

De volgende film in de planning is een Japanse surrealistische thriller over boomelfen, genaamd Nymph. Een jong stel ontdekt in de jungle hoe kostbaar hun relatie is, en wat ze ervoor over hebben om deze in stand te houden. De film is geregisseerd door Pen-Ek Ratanaruang, die in 2003 het schitterende Last Life In The Universe maakte. In de hoop het bewijs dat vrouwen ook mooi kunnen zijn in filmhuisfilms zonder naakt te gaan, nam ik plaats in een volle Pathézaal. Als alle stoelen in een zaal bezet zijn, kun je nog wel eens naast de verkeerde mensen belanden. Ik zat gelukkig naast een ogenschijnlijk vriendelijk Belgisch stel. De film begon met een mooie long shot door de jungle heen, die mijn verwachtingen voor de film meteen erg hoog legde. Maar genieten werd het niet; het stel begon met hun mobiele telefoons te spelen. Het spelen liep over in giechelen, het giechelen in zoenen en het zoenen in strelen op plekken waar ik niks van wou weten. “Niet hier”, zegt de vrouw zachtjes. “Terug naar de hotelkamer dan,” vraagt de man smekend? Ik schuif op zodat ze eruit kunnen. De rust was teruggekeerd, en het verhaal was weer te volgen. De legende van de nimf werd op een originele manier neergezet, maar Ratanaruang wist jammer genoeg geen bevredigend einde voor dit complexe verhaal te bedenken.

Na een lange dag besloot ik weer terug te lopen naar Rotterdam Centraal. Diep in gedachten merk ik weinig van de harde wind en regen. Waarom moet arthouse altijd naakt bevatten? Hebben de regisseurs een doel met het naakt, of is het puur voor eigen vermaak? En de recensenten: zien die ook een functie in het naakt, of genieten ze enkel van de mooie lichamen op het scherm, en zijn ze allemaal persvers? Nog steeds spookte de vrouwen van vandaag door mijn hoofd: Carré, Bermer, de zinloze Franse meisjes en het Belgische stel. Om alle vrouwen van vandaag even uit mijn hoofd te verdrijven, besluit ik mijn iPod in de trein op shuffle aan te zetten. De eerste klanken van Amy Adams’ In The Wee Small Hours klinken door mijn oordopjes. Och help, ik ben verloren…

Meer van dit soort artikelen? Abonneer je op de Xi-online.nl nieuwsbrief of RSS Feed.

Reacties (2)

Weet je toch weer Amy Adams in je stuk te verwerken :D

Bart Delwig | 30 januari 2010, 15:33

Ik kan er niks aan doen, het nummer verscheen echt als eerste op shuffle! Zij doet het gewoon expres ;)

Reageer

Elke donderdag onze nieuwsbrief met artikelen, aankondigingen en prijsvragen in je mailbox!

inschrijven