| Regie: | Lee Tamahori |
|---|---|
| Cast: | Pierce Brosnan, Halle Berry, Toby Stephens, Rosamund Pike, Rick Yune, Judi Dench, John Cleese |
| Genre(s): | Actie, Thriller, Avontuur |
De film Die Another Day is inmiddels de twintigste officiële Bond-film en nu het personage zijn vijfde decennium binnen is getreden ontstaat er een probleem want hoe houd je zo’n serie fris en levendig? Iedereen kent de elementen van een Bond-film – mooie dames, snelle auto’s, martini’s en sinistere vijanden die altijd wel een plannetje hebben om de wereld te overmeesteren – maar het kan meestal maar een paar keer herhaald worden voordat de rek eruit is en het gaat lijken op een standaard Hollywood-actiefilm. Die Another Day daarentegen laat ons zien dat de spion nog genoeg levenslust heeft voor twintig andere films. Regisseur Lee Tamahori (ONCE WERE WARRIORS, 1994) en producenten en beschermers van de rechten Barbara Broccoli en Michael G. Wilson hebben een uitgebalanceerde film gemaakt die trouw blijft aan de legende, leuke referenties maakt naar de vorige films maar ook nieuw leven blaast in de avonturen van de meesterspion. Het eindresultaat is naar mijn idee de beste James Bond-film met Pierce Brosnan in de hoofdrol.
Wanneer het voor iedereen herkenbare deuntje begint verschijnt James Bond in beeld en schiet recht in de loop naar het publiek. Het beeld kleurt rood en zo begint de openingssequentie in Noord-Korea. James Bond en twee collega’s proberen in het geheim de gedemilitariseerde zone tussen Noord- en Zuid-Korea binnen te komen om zo een wapendeal van Kolonel Moon (Will Yun Lee) te verijdelen. De missie loopt niet in de juiste banen en met behulp van een hovercraft probeert Bond aan zijn belagers te ontkomen. Dit is niet alleen een hommage aan de spectaculaire bootrace in Live And Let Die (Guy Hamilton, 1973) maar is ook op zichzelf ook spannend en schokkend om naar te kijken.
Niemand is zo dom om te geloven dat James Bond dit niet zal overleven maar wat de grote Bond-films deden was het publiek op het verkeerde been zetten, al was het maar voor een paar seconden en ze te laten denken dat hij het niet zou redden. Waar in andere films het haar altijd perfect in model bleef zitten wordt Bond hier alle kanten op geslingerd en flink toegetakeld. Bond wordt echter gevangen genomen, gemarteld en lijkt totaal vergeten door zijn werkgever wanneer hij al veertien maanden vast zit. Hongerig, uitgeput en smerig komt hij dan uiteindelijk toch buiten. Niet dankzij een moeilijke stunt met veel rondvliegende kogels maar omdat hij door MI6 uitgewisseld wordt voor de terrorist en Moons rechterhand Zao (Rick Yune). Terug bij zijn baas M (Judi Dench) wordt hij verloochend en krijgt hij te horen dat hij zijn licentie om te doden in kan leveren. Dit is duidelijk niet de James Bond die we gewend zijn.
In typische Bond-stijl verplaatst de actie zich over verschillende continenten wanneer het verhaal ons meeneemt van Hong Kong naar Cuba. Daar onderzoekt James Bond een geheim ziekenhuis dat gespecialiseerd is in het veranderen van DNA waardoor cliënten een totaal nieuwe identiteit krijgen. Hij ontmoet Jinx Johnson (Halle Berry), een prachtige dame die vol lust wordt begroet door onze held. Het blijkt dat zij haar eigen agenda heeft en wanneer Bond antwoorden probeert te vinden op een raadsel waarmee vele namaakdiamanten gemoeid zijn probeert Jinx juist Zao uit te schakelen.
Als James dan uiteindelijk weer Londen terecht komt en zijn licentie weer terugkrijgt kan een bezoekje bij Q (John Cleese) uiteraard niet ontbreken. Q levert hem naast de gebruikelijke nieuwe gadgets ook een nieuwe auto. De Aston Martin zit vol high-tech snufjes en zelfs een apparaat waardoor de auto onzichtbaar wordt. Terwijl Bond in Engeland verblijft ontmoet hij Gustav Graves (Toby Stephens), een ongelooflijk rijke avonturier en handelaar in diamanten die op mysterieuze wijze vanuit het niets ter wereld kwam. Het is vrij snel duidelijk dat dit de echte vijand van Bond is, vooral wanneer ze het tegen elkaar opnemen in een schermgevecht waar de vonken vanaf vliegen en alle attributen in de zaal gebruikt worden om elkaar te verwonden. Deze ontmoeting levert Bond een uitnodiging op voor een gala in IJsland waar Graves zijn ‘geschenk’ voor de mensheid, een satelliet die de kracht van de zon kan dupliceren, presenteert.
Zoals meestal bij een Bond-film hoef je van het verhaal niet veel te verwachten. Het draait altijd om een of andere megalomaan die de wereld wil overmeesteren en een duivels plan heeft klaarliggen om zijn doel te bereiken. Wat dat betreft heeft de film de emotionele diepte van een martiniglas. Om het plot dan alsnog te waarderen moet je maar eens kijken naar de domme en lompe formulefilm xXx (Rob Cohen, 2002) die beloofde om anders te zijn maar uiteindelijk gewoon jatwerk bleek te zijn.Die Another Day heeft dan tenminste nog stijl en zijn de actiescènes coherent aan elkaar verbonden. De lof is met name gericht op de tweede regisseur, Vic Armstrong. Hij heeft een waslijst van bekende actiefilms achter zijn naam staan en weet toch altijd op een verfrissende manier nieuwe manieren te bedenken om iets eenvoudigs op te blazen.
De vechtscènes zijn creatief en er wordt vaak gebruik gemaakt van objecten in de directe omgeving. Dit komt het beste naar voren tijdens het schermduel tussen Bond en Graves. De twee heren zijn duidelijk aan elkaar gewaagd en nemen beiden het risico om dodelijk gewond te raken. Dit kan afgeschilderd worden als machogedrag, en zo zullen velen het ook zien, maar je voelt gewoon dat het realistisch is en de intensiviteit en kracht stroomt door de personages. Je kunt het ook overdreven vinden en van mening zijn dat Bond meer een stuntman is geworden dan een geheim agent, maar we leven nou eenmaal niet meer in 1962.
Zoals bij meerdere projecten heeft de regisseur zich maar te houden aan de regels die de studio of de producenten hem opleggen en Lee Tamahori heeft daar hier ook last van. Het zal nooit voorkomen dat Bond levensgevaarlijk gewond raakt, niet meer kan beschikken over de nieuwste technische snufjes of Q en M moet missen. De scènes met terugkerende personages als Q, M, Miss Moneypenny (Samantha Bond) zijn door Tamahori speels georkestreerd en zetten duidelijk hun relatie neer met James Bond.
Het is als acteur moeilijk om in Die Another Day niet een stripfiguur neer te zetten en dat de lukt de meesten dan ook. Halle Berry is perfect op dreef als Jinx en is echt de eerste vrouw die een prominente rol heeft in een Bond-film. Hoewel vaak de vraag rijst waarom ze ook alweer naast James Bond loopt, behalve er goed uitzien in bikini, bewijst ze dat ze meer in haar mars heeft dan Famke Janssen. Jinx is op alle fronten een gelijke en dat laat ze ook merken. Vanaf het moment dat ze uit de zee rijst weet je gewoon dat ze niet de typische Bond-girl is.
De dialogen tussen Jinx en Bond zitten vol seksuele toespelingen en ze dwingt hem eigenlijk letterlijk het bed in. De mannelijke kijker wordt weer jaloers gemaakt en wat is een betere manier dan een man laten wensen dat hij James Bond was door Halle Berry naar zijn onderste regionen te laten kijken en speels op te laten merken: “Well, there’s a mouthful“.
Helaas krijgt Michael Madsen geen duidelijke rol binnen het geheel. Hij krijgt als baas van Jinx niet veel meer te doen dan haar te bevelen wat ze moet doen en waar ze naar toe moet gaan. Dit is toch jammer aangezien hij als persoon toch het toppunt van ‘cool’ is en herinnert aan de hoogtijdagen van Steve McQueen, Robert Mitchum en Charles Bronson. Ik vroeg me telkens af wanneer hij nou z’n scheermes uit zijn laars zou halen en zelf achter Bond aan zou gaan.
Voor de liefhebbers van de serie zijn er ter gelegenheid van de veertigste verjaardag een aantal leuke verwijzingen naar de vorige films. Wanneer Halle Berry voor het eerst in beeld verschijnt is dit duidelijk een hommage aan Ursule Andress’s historische moment in Dr. No (Terence Young,1962). Een lasergevecht herinnert ons aan Goldfinger (Guy Hamilton,1964). Een stukje van de melodie van You Only Live Twice(Lewis Gilbert,1967) kruipt in de muziek aan het einde van de film. Q krijgt de onsterfelijke zin: “I never joke about my work 007″ en wanneer hij Bond z’n speeltjes overhandigt kijk dan eens goed rond in de kamer waar je de krokodil uit Octopussy (John Glen,1983) vindt, de jet-pack uit Thunderball (Terence Young,1965), het koffertje met mes en Rosa Klebb’s dodelijke schoenen uit From Russia With Love (Terence Young,1981). Referenties naar Diamonds Are Forever(Guy Hamilton,1971) hoeven waarschijnlijk niet uitgelegd te worden.
Om de serie toch fris en nieuw te houden zijn wordt er hier en daar van de formule afgeweken. Zo is het voor het eerst dat James Bond in de openingscredit prominent aanwezig is. Hij wordt hierin flink toegetakeld en gemarteld met behulp van schorpioenen. Ook is het voor het eerst dat de artiest van de titelsong een cameo in de film krijgt. Ik ga niet discussiëren over de acteerprestaties van Madonna maar grappig is het wel.
Die Another Day is net als achter het stuur zitten van de Aston martin – het is een geweldige rit. James Bond mag dan wel een product geworden zijn, het is een lekkere vorm van entertainment en hij blijft onverslaanbaar.





















