Een van de belangrijkste onderdelen van het filmfestival in Berlijn blijft de competitie. Dit jaar dingen 23 films mee naar de Beren die in de verschillende categorieën worden uitgereikt. Opmerkelijk zijn zoals altijd de verschillende onderwerpen die aan bod komen, waar na enig onderzoek soms meer overeenkomsten in zijn te vinden dan dat in het begin lijkt.
Zo handelen Svjedoci (Kroatië, regie Vinko Bresan) en Country Of My Skull (Engeland: regie John Boorman) beide over een land in opbouw. Waar de eerste film terugblikt op de oorlog in voormalig Joegoslavië, vertelt Boorman met zijn nieuwste film Country Of My Skull een stukje geschiedenis van Zuid Afrika. Acteur Menzi Ngubane, zelf afkomstig uit Zuid Afrika wist perfect samen te vatten waarom deze films gemaakt dienen te worden: ‘The truth heals.’ Door het vertellen van de waarheid werd de blanken die onderdeel waren van de gruwelijkheden in het land tijdens de apartheid een kans geboden amnestie te krijgen. Het kan voor beide kanten goed uitpakken: de mensen die achter zijn gebleven zonder te weten wat er met hun familie of geliefden is gebeurd, kunnen eindelijk rust vinden, ook al zijn de verhalen die ze aanhoren soms te gruwelijk voor woorden. Voor de plegers van het ´uitvoeren van de politiek, opgedragen door hun meerderen in rang´ is het een kans in het reine met zichzelf te komen. Juist dit deel van het onderwerp was voor het scenario uitgangspunt voor een film over het jonge verleden van Zuid Afrika. In het land zelf zijn er vele documentaires over het onderwerp gemaakt, waarvan er tien draaien op deze Berlinale. Het is echter de meer mainstream film Country Of My Skull die de meeste aandacht zal trekken. Met de acteurs Samuel L.Jackson en Juliette Binoche leunt de film namelijk tegen mainstream aan, hoewel de film moeite had de financiering rond te krijgen en uiteindelijk als independent film gemaakt diende te worden. Het waren echter de twee grote acteurs, de producenten en regisseur Boorman die het verhaal te goed vonden om niet te verfilmen. Zo is er een Iers-Engelse coproductie ontstaan die het verhaal vertelt over het Zuid Afrika van slechts iets meer dan tien jaar geleden. De film neigt naar een Hollywoodversie, maar is dat zeker niet. Het is moedig van de makers de film te maken, waarbij ze in Zuid Afrika hebben gefilmd met vele (belangrijke) bijrollen voor acteurs uit het land zelf.
Moedig wil echter niet zeggen dat het een volledig goede film heeft opgeleverd. De film toont slechts enkele verhalen, weinig gruwelijkheden en laat het verhaal op de loop gaan met een overbodig liefdesverhaaltje en enkele leuke, maar vaak erg overbodige humoristische scènes. Grootste kritiekpunt is echter dat de film slecht is uitgewerkt. Sommige karakters krijgen te weinig aandacht of worden te snel geïntroduceerd, waarbij verondersteld wordt dat de kijker wel zal begrijpen waar het verhaal over gaat of welke rol het karakter in het geheel inneemt. Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld de rol van Brendan Gleeson als De Jager. Hij speelt net als in Cold Mountain, die ook in Berlijn draait, een prima rol, maar kan het niet verhelpen dat zijn rol er teveel los bij hangt als gevolg van een vreemde manier van editing. Het gevolg is het grootste manco van de film: Het idee is goed, maar cinematografisch is het niet goed uitgewerkt, waardoor het verhaal niet lekker loopt, er teveel punten ontbreken en enige scènes in het niet of juist uit de toon vallen.
Dit is in tegenstelling tot bijvoorbeeld een andere film uit het competitieprogramma: Om Jag Vänder Mig Om, een Zweedse film van regisseur Björn Runge. Deze filmmaker is in eigen land voornamelijk bekend geworden door het regisseren van televisiestukken. Dit is goed te zien in zijn film, waarin drie verhalen verteld worden die net zo goed los in drie korte films van 30 minuten gebracht hadden kunnen zijn. Er zijn enkele overeenkomsten tussen de drie afzonderlijke verhalen en de mensen die daarin naar voren worden gebracht. Zo leven alle centrale karakters nog in een waan van het verleden, maar blijken ze allen uiteindelijk sterk op zoek te zijn naar een plaats in het heden. Het blijkt echter moeilijk de geschiedenis van het leven achter zich te laten en verder te gaan op een andere of dezelfde voet. Deze dramatische gebeurtenissen worden op een realistische wijze gebracht, waarbij het soms komisch, soms diep tragisch naar voren komt wat er gaande is. De driedeling van de film is zowel de sterke als de zwakke kant van Om Jag Vänder Mig Om. Soms is het moeilijk over te schakelen van het ene verhaal naar het andere, terwijl het op bepaalde andere momenten erg goed in elkaar steekt. Het einde waarin de drie verhaallijnen elkaar echter raken komt echter gekunsteld over en doet de film geen eer aan. Om Jag Vänder Mig Om is een sterk staaltje realistische verhaalvertelling, waarbij regisseur Runge zich een getalenteerd filmmaker toont. Zijn film heeft niet voor niets enkele Zweedse filmprijzen in de wacht weten te slepen en heeft in eigen land zeer veel bezoekers weten te trekken. Voor een prijs op de Berlinale is dit waarschijnlijk niet voldoende, maar aansluitend op het dagelijkse realisme dat bijvoorbeeld ook in het Deense Dogma naar voren kwam, is de film een goed verteld geheel, wat te danken is aan de goede acteurs en de prima spelregie.
















